FEFCO codes
De FEFCO-codes zijn uitgewerkt door FEFCO en ESBO als een officieel systeem om lange en ingewikkelde beschrijvingen in woorden van kartonnen verzenddozen en verpakkingsconstructies te vervangen door eenvoudige symbolen die internationaal door iedereen worden begrepen, ongeacht taal en andere verschillen. De referenties kunnen worden gebruikt in opdrachten en specificaties voor verpakkingsdozen. Toevoegingen en wijzigingen mogen alleen worden gedaan door FEFCO en ESBO.
Afmetingen verzenddoos
Tenzij anders omschreven, worden alle afmetingen als volgt uitgedrukt als inwendige afmetingen in mm:
Lengte (L) x Breedte (B) x Hoogte (H)
Lengte (L) = de langere afmeting bij de opening
Breedte (B) = de kortere afmeting bij de opening
Hoogte (H) = de afmeting vanaf de bovenkant van de opening tot aan het onderste gedeelte
De afmetingen L, B, H worden in het FEFCO handboek gespecificeerd in iedere beschrijving van de doosconstructie, voor sommige modellen kan de numerieke waarde van B de numerieke waarde van L overschrijden. De afmetingen dienen te worden opgemeten onder standaard klimaatomstandigheden, op het platte onbewerkte materiaal vanaf het rilcentrum waarbij de dikte van het materiaal in gedachten wordt gehouden. Voor dozen van het telescooptype moet de hoogte (h) van het bovenste gedeelte (deksel) worden gegeven als een vierde meting na een schuine streep, bijv.
355 x 205 x 120/40 mm
(L) (B) (H) (h)
Voor verzenddozen met elkaar overlappende buitenkleppen moet de lengte van het overlappingsgebied (o) worden gegeven als een vierde meting na een schuine streep, bijv.
355 x 205 x 120/40 mm
(L) (B) (H) (o)
Plaatafmetingen
Tenzij anders omschreven, worden alle afmetingen van een golfplaat als volgt in het FEFCO handboek uitgedrukt als inwendige afmetingen in mm:
1e afmeting x 2e afmeting
1e afmeting = langs de plaklijnen
2e afmeting = over de plaklijnen heen
Stijlversies
Verschillende typen dozen hebben mogelijk afgeleide versies zonder de noodzaak van het creëren van een nieuwe stijl. In dit geval moet een achtervoegsel worden toegevoegd aan het basisstijlnummer, gescheiden door een streepje.
Voorbeeld: 0201-2.
Een versie kan uniek zijn voor verschillende fabrikanten.
Combinatie van types
De weergegeven constructiestijlen zijn van de basistypen kartonnen verzenddozen. Indien de laatste constructie een combinatie is van twee of drie basismodellen, bijv. klepindelingen, kunnen ze ook als volgt worden beschreven:
Bovenste kleppen als 0204, Bodemkleppen als 0215
Dit type kan ook worden beschreven als 0204/0215 (Bovenste kleppen. Bodemkleppen).

Stijlen en de fabrieksnaad
De layouts van de tekenstijl zoals weergegeven in deze FEFCO Code moeten mogelijk worden herschikt, afhankelijk van de gekozen Fabrieksnaad. Sommige stijlen hebben mogelijk een Fabrieksnaad die kan worden geplakt, geniet of getapet. Een geplakte of geniete Naad kan een verlenging zijn van het korte of van het lange paneel. De schetsen geven weer hoe deze op een tekening zouden worden aangeduid:

Handmatige of Geautomatiseerde oprichting
Elke ontwerpstijl omvat een van de volgende indicaties:
M – gewoonlijk handmatige oprichting
A – gewoonlijk geautomatiseerde oprichting
M/A – kan handmatig of geautomatiseerd zijn M+A – vereist een combinatie van beide
Deze indicaties zijn gebaseerd op de huidige praktijk en bedoeld om specificeerders en gebruikers van informatie te voorzien. Sommige handmatig opgerichte dozen kunnen automatisch worden gesloten (bijv. : 0216 of 0712)
* bron: FEFCO Handboek 2007, 11e editie